Te beluisteren iedere maandag van 19:00 - 21:00 uur bij de HTR en op zaterdag en zondag 15:00 - 17:00 uur bij de ORVA zieken- en senioren-
omroep in de aangesloten huizen en 24 uur per dag via onze website.

Wij wachten op de nieuwe lokale omroep van 's-Hertogenbosch

Bossche Straten 2017

256. Van Noremborgh ontwerpt oksaal

Ed Hupkens
Auteur: Ed Hupkens  Met dank aan de Werkgroep Toponymie, Kring Vrienden van 's-Hertogenbosch

Foto 256LBDe Van Noremborghstraat gezien vanuit het Kapelaan Koopmansplein. Anno 1931. Foto: Afdeling Erfgoed nr. 0051493

De Van Noremborghstraat is genoemd naar Coenrat Coenratsen van Norenborch, geboren te Namen. Begin zeventiende eeuw kwam hij naar ’s-Hertogenbosch. Op 31 maart 1608 werd hij hier als poorter ingeschreven. In die periode werd nog druk aan de Sint-Jan gewerkt, mede als gevolg van de Beeldenstorm van 1566. Daarbij was de hoge middentoren in 1584 door bliksem in brand gevlogen en had grote schade aan de kerk toegebracht. Ook het middeleeuws gotische oksaal, de afscheiding tussen het hoogkoor en de rest van de kerk, was verbrand. Het stadsbestuur gaf Coenrat van Noremborgh de opdracht tot een ontwerp voor een nieuw oksaal. Een oksaal (ook doksaal genoemd) is een houten, stenen of gemetselde afscheiding tussen het middenschip van een kerk en het aangrenzende (hoog)koor en is meestal rijkelijk versierd. Boven het oksaal bevindt zich een galerij waarop een orgel of kansel geplaatst kan worden en waarvandaan gezangen of gebeden gereciteerd kunnen worden. In 1610 kwam Van Noremborgh met een kostenraming: het oksaal zou elfduizend gulden moeten gaan kosten. In die tijd was de binding tussen de stad en kerk nog zeer sterk. Het stadsbestuur had zich ten doel gesteld om de kerk te restaureren, het oksaal moest er komen. Deze beroemd geworden houten, met marmeren beelden gesierde, in late renaissancestijl ontworpen koorafsluiting werd tussen 1611 en 1613 in de Sint-Jan gebouwd. Het oksaal overleefde de periode dat de Sint-Jan in protestante handen was. In 1860 onderging de kathedraal weer een algehele restauratie, nu in neogotische stijl. In 1866 werd het oksaal te koop aangeboden, omdat het volgens het kerkbestuur niet meer paste in de liturgische opvattingen en de neogotische smaak van die tijd. Kunsthandelaar Murray Marks kocht het aan en verkocht het door aan het Victoria en Albert Museum te Londen. De verkoop van een van de belangrijkste voorbeelden uit de late renaissance, was aanleiding voor Victor de Stuers (1843-1916) voor het schrijven van zijn artikel ‘Holland op zijn smalst’ (tijdschrift De Gids, 1873) over het gebrek aan zorg voor het Nederlandse erfgoed. Zijn artikel leidde tot de oprichting van de afdeling Kunsten en Wetenschappen (ministerie Binnenlandse Zaken), de voorloper van de Rijksdienst voor Monumentenzorg. In 1875 kwam De Stuers aan het hoofd te staan van deze nieuwe afdeling, waar hij zich tot 1901 heeft ingezet voor monumentenzorg, museumbeheer en archiefbeheer.

© 2011 - 2017 'n Lutske Brabants - Vandaag: maandag 11 december 2017 - Tijd: 00:00:00 - Webdesign: Broeklandsoft 's-Hertogenbosch' - Sponsor: Dré van der Donk